Welkom op psion.nl

Column: Eenzaamheid: een kans?

– Column Karst Tjoelker –   

Eenzaamheid is een groeiend probleem in ons land, lees je nogal eens in de media. Een tijd terug las ik voor het eerst dat wetenschappers bezig zijn met de ontwikkeling van een heus medicijn tegen eenzaamheid. Ik kan me niet voorstellen dat deze pil er daadwerkelijk komt, maar het laat wel zien hoe serieus we eenzaamheid nemen als mensheid, en hoe pijnlijk we het vinden. Hoe erg we het vinden als het mensen overkomt. 

Toch is eenzaamheid overal, en is het er voor iedereen. Zo voelt vier op de tien jongeren in Nederland zich wel eens eenzaam, blijkt uit onderzoek van EenVandaag. Dit aantal ligt voor de 55-plussers iets lager: 16% van de ondervraagden stelde soms eenzaam te zijn. Een opvallend verschil natuurlijk. En dan is dit onderzoek ook nog eens uitgevoerd in een tijd dat Corona niet bestond. De cijfers zullen nu aanzienlijk hoger liggen, vermoed ik. Al een paar dagen na de uitbraak werd al voorspeld dat deze pandemie nog een andere golf zou veroorzaken: een eenzaamheidsgolf, met alle psychische gevolgen van dien.

Het leek mij persoonlijk geen overdreven voorspelling. Veel mensen waren thuiswerken niet gewend, en de groep mensen die alleen leeft, is niet gering. Niet dat een gezin zaligmakend is overigens: voor veel mensen was ‘het ergens anders zijn’ gedurende de dag nou net de afwisseling die hun gezins- en werkleven in balans hield. En eenzaamheid is daarbij natuurlijk niet voorbehouden aan vrijgezellen.

Van de keukentafel naar de zitbank

Tijdens mijn werk hoor ik dan ook steeds vaker dat mensen de werkvloer missen, en dat ze verlangen naar de vanzelfsprekendheden van vroeger. Zo sprak ik een jonge consultant die er achter kwam dat hij, kort gezegd, zijn werk eigenlijk geen bal aan vond zonder zijn collega’s. Een kantoormedewerkster die, doordat ze minder snel iets kon checken bij iemand, eigenlijk niet meer zo zeker was van haar zaak. En de vrijgezelle accountant die merkte dat zijn wereld wel érg klein werd, werkend aan de keukentafel en liggend op de zitbank, drie meter verderop. Hij liep tegen zichzelf aan, stelde de accountant. Alles wat voor hem het leven leuk maakte, was weg. Uitgaan, huisfeestjes, concerten en vrijdagmiddagborrels: foetsie was het ineens.

Verbinding met jezelf

Wie opeens helemaal op zichzelf is aangewezen, komt zichzelf al snel tegen. Maar dat kan óók een kans zijn, ontdekte de accountant. Ja, hij was soms eenzaam. Maar hij voelde zich minder opgejaagd, en had meer energie over aan het einde van de dag. Hij kwam er tot zijn eigen verbazing achter dat hij best kon genieten van een prikkelarm leven. Sterker nog: dat hij ook best een beetje kon genieten van de zelfreflectie waar de situatie hem toe dwong. Maar ook: hoe belangrijk het was. Hij ontdekte dat hij nog verdriet had om een verbroken relatie, dat hij nog kwaad was om een akkefietje met een collega, en dat hij eigenlijk meer voor andere mensen wilde doen. Kortom; hij kwam meer tot zichzelf, en maakte beslissingen die hij naar eigen zeggen anders niet had genomen.

 ‘Als je niet in verbinding bent met jezelf, dan kun je ook niet verbindend naar anderen toe zijn’, zei hoogleraar duurzaamheid Rotmans een aantal weken geleden in Trouw. ‘Wat je voelt en hoe je handelt moet een geheel zijn.’ Mooie uitspraak, vind ik. Volgens mij is van alle relaties die we hebben de relatie met onszelf het belangrijkst. En juist daarop wordt een beroep gedaan in deze bizarre tijd.

Nu is alleen zijn wel iets anders dan eenzaamheid, natuurlijk. Maar zou een ‘pil tegen eenzaamheid’ niet eigenlijk een gemiste kans zijn?

 

Karst Tjoelker

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Karst Tjoelker
PSION psycholoog

 

Laatste nieuws