Welkom op psion.nl

Trammelant op het werk

– Column Karst Tjoelker – 

Bestaat er ergens ter wereld een werkvloer waar er géén trammelant is? Een kantoorpand zonder geroddel, een magazijn zonder ruzie, een fabriek zonder geklaag, een winkel zonder gezucht?

Ik denk van niet, persoonlijk.

Ooit was ik order picker bij een distributiecentrum van een supermarkt. Een van mijn eerste baantjes was het, ik was 16 jaar en ik vond het ontzettend boeiend. Niet per se vanwege het werk: ik moest elke zaterdagochtend om vier uur opstaan om een uur later in een koelcel dozen boerenkool en yoghurt te stapelen. Dat vond ik niet erg, alleen moest je wel goed tellen. Dat lukte mij om vijf uur ’s ochtends met een kloppende bierkater niet zo goed. Ik hoor mijn naam nog door de koeling galmen als ik mijn ogen dicht doe. De vrouwen die de pallets controleerden konden hard schreeuwen.

Er gebeurde van alles in die koelcel. Er werd met toetjes gesmeten, er werd gevochten, er werd tikkertje gespeeld, er werd geklaagd en er werd vreselijk veel geroddeld. De drie chefs van het centrum kwamen er uiteraard het slechtst vanaf. In het rookhok, waar de ventilatie het helaas niet deed, was het elke keer weer raak. 'De baas was een klootzak, want Pieter mocht geen vrij; de baas was een tiran, want hij belde Froukje twee keer op toen ze ziek was. De baas was niet eerlijk, want Pieter mocht wel een keer weg toen hij het vroeg en Froukje niet'.

Kortom: trammelant.

Ouder en kind

Ik heb daarna nog veel werkplekken gezien: van betonnen fabrieksvloeren tot kitscherige kantoortuinen en trammelant was er overal.  Overal vroeg ik me af hoe het toch kon dat de werkplek zo vaak het toneel is voor nodeloos drama.

Die vraag is mij altijd blijven boeien. Het zal mijn nieuwsgierige aard geweest zijn en mijn zucht tot analyse – ik heb de juiste baan gevonden, kan ik wel zeggen. Nu heb ik ook nog eens de kans om zulke problemen van twee kanten te bekijken. In de spreekkamer wordt er uiteraard nogal eens een verhaal opgevoerd en ik spreek daarnaast ook regelmatig een manager, directeur of casemanager over datzelfde verhaal. Wat me daarin steevast opvalt, is hoezeer conflicten - tussen medewerkers en leidinggevenden bijvoorbeeld – heel vaak te reduceren zijn tot hele basale kwesties. En: hoezeer deze kwesties lijken op een geschil tussen een ouder en een kind.

Ik moet denken aan de vrouw die in de zorg werkt en woedend was op de leidinggevende die had aangegeven te vertrekken. Er was haar veel beloofd, weinig gegeven en nu was het te laat. Of aan de schoonmaakster die een paar keer kritiek op haar werk had gekregen en een maand later helemaal in het verzuim kwam te zitten. Of iets wat mijn collega’s en ik heel vaak tegenkomen: de medewerkers die thuis komen te zitten en genegeerd worden. Soms horen ze niets vanuit het werk: geen bloemetje, geen belletje, geen berichtje. Ik durf te stellen dat het verzuim hierdoor niet korter wordt.

Gezien worden

Als er een vrij basale kwestie speelt wil dat niet altijd zeggen dat de medewerker zich kinderachtig gedraagt of dat de leidinggevende zich onmenselijk of te autoritair opstelt. Beide komt natuurlijk genoeg voor. Van onwil of kwade zin is vaak geen sprake, wel van onbewustheid.

‘Overdracht’ noemen psychologen het: ‘de projectie van gevoelens, wensen en verwachtingen uit een eerdere relatie op een ander persoon.’ Vaak is het de band tussen ouder en kind die doorspeelt in de relatie met iemands leidinggevende. Iemand kan op zijn of haar achterste poten gaan staan als een bepaald thema van vroeger wordt getriggerd, zonder dat iemand dat zelfs overigens doorheeft. De vrouw in de zorg had helemaal niet door dat ze iets uit haar verleden aan het herkauwen was,  net zo min als de schoonmaakster. Wat in beide gevallen heeft geholpen is dat ze zich er bewust van werden en op die manier verantwoordelijkheid konden nemen voor hun gedrag.

Leidinggeven kunnen er op hun beurt op letten dat medewerkers boven alles één hele belangrijke behoefte hebben: gezien worden – zeker in deze tijd van thuiswerken en zéker als er iets speelt. Aan de andere kant kan het goed zijn om iets van de overdracht te benoemen, als je ziet dat er verwachtingen of wensen zijn die niet bij een werkrelatie horen. Zoals vrouwen uiteindelijk vaak tegen hun man zeggen:

‘Ik ben je moeder niet!’

Meer weten?

Ervaar jij ook trammelant op het werk en wil je hier mee leren omgaan? Neem dan contact op met PSION en vraag naar de mogelijkheden. 

Laatste nieuws